Expositie bij Peter Bax
Robertus Schrijver -
levensloop
Een paar schilderijen
Potent Fundamenteel
Impressionisme - een schildersvisie
Afscheidsbrief aan Rob
ROBERTUS SCHRIJVER EN ERIK MOL
EXPOSEREN IN GALERIE PETER BAX

De
expositie bestaat uit schilderijen van de uit Hardegarijp afkomstige
kunstenaar Erik Mol in combinatie met schilderijen uit de nalatenschap
van Robertus Schrijvers (Almelo 1948 – Woudsend 2002). Beide kunstenaars
lieten zich inspireren door de Cobrabeweging.
De
expositie duurt t./m. woensdag 10 maart 2010.

Helma
Verhof, de weduwe van Robertus Schrijver, leest voor vanuit een
brailleschrift tijdens de opening.
(Erik
Mol staat links achter haar)
boven
Robertus Schrijver - levensloop
Robertus
Schrijver (Almelo 1948 – Woudsend 2002) geniet geen bekendheid in grote
kring, maar in selecte kring des te meer. Zo kocht koningin Beatrix ooit
een werk van Schrijver. Theo Wolvecamp, een inspirator van Rob, zag in
de jaren tachtig in hem en zijn kompaan Geertjan Preyde uit Enschede de
grootste talenten van de Twentse schilderkunst.
Oorspronkelijk was Schrijver muzikant, hij speelde piano en orgel. Op
aandringen van de Enschedese kunstenaar Rudie Klomp (broer van Folly)
ging hij schilderen. Muziek bleef een rol spelen; hij schilderde met
muziek en nummerde veel werken met Opus zoveel, hij had het ritme nodig.
Rob Schrijver heeft nooit in een hokje gepast, liet zich niet opsluiten,
zeker niet geestelijk, want fysiek heeft hij achter de tralies gezeten
voor de meest vreemde belevenissen. Zo overviel hij een bank, nam mensen
in gijzeling met een waterpistooltje, om de ervaring van een gijzeling
mee te maken. Anders kon hij er geen schilderij van maken. Zo kwam hij,
met de chaos in de kop tot de harmonie op doek.
Zijn biografie kent uiteenlopende werksituaties en vele woonplekken. Zo
was hij van 1971-1972 freelance fotograaf voor Magnum in Cambodja,
verbleef hij enkele jaren in Zweden, in 1984-1985 in Giverny, Frankrijk,
waar hij schilderde en werkte als tuinman in de tuinen van Monet. In
1985, vanuit existentieel trauma, opgenomen in psychiatrisch ziekenhuis
te Deventer. Van 1988-1990 psychotherapie door dr.Haverkamp te
Eindhoven, wordt verpleegd en krijgt een schilderverbod. In 1993 maakt
hij vanuit Eindhoven een nieuwe start.
Hij was een kunstenaar in hart en ziel, maakte altijd ruzie, ook met
galeriehouders, hij ervoer alles als een inbreuk op zijn persoon. Ook
was hij nooit blij als hij iets verkocht, dan verkocht hij zichzelf vond
hij. En als hij iets verkocht trok hij naar Parijs en kwam berooid
terug. Zocht dan weer een eigen plek, ver van de bewoonde wereld, in een
caravan te Reutum, op een boot in Vollenhove en in de laatste jaren in
Woudsend, waar in september 2002 zich de ongeneeslijke kanker openbaarde
waardoor hij op 17 december dat jaar uit het leven stapte. Tijdens de
laatste maanden van zijn leven heeft hij nog als een bezetene in zijn
atelier gewerkt aan een aantal doeken welke hij nog onder handen had.
Van Rob is bekend dat hij soms jaren over een doek deed en het dan voor
een tweede of derde keer dateerde. De meeste doeken in deze expositie
dateerde hij dan ook met de tekst: afgemaakt in 2002.
Exposities in o.a.: Almelo, reizende BKR-tentoonstelling, Hengelo, Rouen
(Frankrijk), Giverny (Frankrijk), Deventer, Enschede, Eindhoven,
kunstbeurs Rotterdam (samen met grafiek van Willem de Kooning),
Maastricht (samen met tekeningen van Picasso), New York (V.S.),
Amsterdam, Naarden en in zijn laatste woonplaats Woudsend.
boven
Een paar schilderijen


boven
Potent Fundamenteel
Impressionisme
POFISME

De schilderijen van de
teruggetrokken en compromisloos levende Robertus Schrijver (1948,
Almelo) ontstaan vaak over een langere periode, variërend van enkele
maanden tot vele jaren. Hierdoor is de hoeveelheid werk beperkt en zijn
exposities van zijn werk zeldzaam, temeer daar zijn oeuvre zich nagenoeg
compleet in particuliere -, Rijks - en Gemeentelijke verzamelingen
bevindt.
Werkwijze
Mogelijk is de mens een
aaneenschakeling van emoties.
Die kunnen worden opgevat als voelbare energiegolven, waarbij een
virtuele vorm gedacht kan worden. De ontstane vorm hoeft niet
noodzakelijkerwijs zichtbaar gemaakt te worden. Dan kunnen indrukken
zich door flexibiliteit veranderen, en tot nieuwe vormen geraken. Het is
een verandering in de aard van de verandering zelf. Wanneer met behulp
van geluid wordt gewerkt, bestrijken de 12 tonen het medium waarmee
geluid wordt omgezet naar emoties die hoorbaar zijn gemaakt. Dat er
zelfs een liedeje uit kan ontstaan, is vanzelfsprekend en onverwacht
fascinerend. Dezelfde werking heet het palet van de schilder.
Tijdens het schilderen worden de geluiden/tonen zonder directe
compositiedrang overgebracht op het doek. Tijdens dit proces wordt het
doek steeds gedraaid, (voortkomend uit Pararealisme gedachte) en rondom
gewerkt om een realistische beeldvorming te voorkomen. (Waar blijft
anders de fantasie voor de beschouwer?) Steeds opnieuw wordt een ingang
gezocht tot uiteindelijk het medium "verf" zich zelfstandig kan
manifesteren. Dan is het een op zichzelf staand schilderij geworden.
Voor mij een Potent fundamentele impressie waar het doek de vorm is en
de verf de inhoud. (Robert Ryman fundamenteel schilderen) Verder kan ik
niet teruggaan naar de abstractie. Dan wordt het wit en een gedachte.
Het roept bij de beschouwer een eigen emotie op en zij/hij kan het doek
draaien en de eigen gedachten (lees fantasie) erop los laten. Dat is ook
de afstand naar mijn eigen burgerlijk verhaal, en daarna kan ik opnieuw
beginnen, naïef als een kind. Ik voel me even genezen!
" Het lijkt wel een
landschap "
" dat lijkt niet zo, dat is zo! "
" En de fragmenten lijken onaf "
" dat lijkt niet zo, dat is zo! "
" En ik zie nog meer ook
"
" dat is niet zo, dat lijkt zo! "
Robertus 1992 Eindhoven
boven
Brief aan mijn lief
Robertus Schrijver
Hallo
mijn lief,
Ze zeggen dat
vijftig worden een mijlpaal is in je leven. Wat mij betreft klopt
dit, want toen ik vijftig werd, werd jij zo ziek dat je niet meer
hebt gewacht tot het voorjaar.
Lief je bent zo
ver weg. Ik heb niet geweten dat er nog gradaties bestaan in het
begrip van weg zijn. Je bent niet even boodschappen doen, je bent
niet op vakantie, je bent ook niet even een pakje sigaretten halen,
om zodoende nooit meer terug te komen, nee je bent verdwenen, niet
meer in deze wereld.
Je stuurde mij
een eenzame wilde gans als een afscheidsgroet, om mij te laten weten
dat je ging vertrekken naar de wereld van de geesten, de wereld van
het licht. Ik weet het. Je was blij dat je mocht vertrekken. Je koos
zelf om op reis te gaan. Je kocht een ticket enkele reis. En ik? Ik
kon je alleen maar uitzwaaien. Er was geen sprake van een retourtje.
Ik zal dat ticket ook eens gaan kopen. Ik weet niet of ik dan op het
goede station zal uitstappen om jou weer te zien. De hoop geeft mij
wel dat beeld en dus heb ik tot ziens gezegd. In de tien dagen dat
je nog hier was heb je je leven rond gemaakt.
Dat heb je goed
gedaan. Zo goed dat wij er mee verder kunnen. Je was groots en
grootmoedig en dat heb ik en de mensen om ons heen mee kunnen nemen.
Ik wilde dat je begraven zou worden. Ik wilde je wegbrengen met een
oude boerenkar en een prachtige fries ervoor. Ik wilde warmte,
lievigheid, gezelligheid, een hapje en een drankje. "Regel het maar"
zei je. "Het is jou feestje." En zo is het ook.
Nu kan ik met
mijn vriendinnen en iedereen die erbij was eindeloos keutelen en
delen hoe geweldig deze dag was. De dag van het wegbrengen van jou
lichaam. Je was veranderd in een pop, maar toch hadden we iets
tastbaars om te gaan beseffen dat je weg was en nooit meer terug zou
komen.
Heb je beseft
lief toen je de kist zag, die Tjibke, de uitvaartondernemer, en zijn
vrouw naar boven droegen zodat jij hem kon zien, dat jouw lichaam
daar in zou komen te liggen? Je wilde in het stro lekker warm en
knus. Weet je lief, dat toen de kist in de woonkamer stond de poes
Karel er als eerste in zat? Heb je nog gezien dat je broer en je
dochter wilde dat je hoofd zacht zou liggen? Je broer vond het
vreselijk dat stro. Het was nog moeilijk om je recht te leggen de
kist was nogal smal. Je paste maar net.
Ik heb samen met
Tjibke je lichaam gewassen en aangekleed. Dat viel nog niet mee zo
groot en zwaar was jou lijf. Je mooie eilandtrui en een lekkere
spijkerbroek hebben we je aangetrokken.
Heb je ook nog gezien dat Monique je dochter en ik onder de klok
zijn gaan staan? Sterk en warm waren wij samen. Wij deden de wereld
kond van jouw vertrek. Als ik had gedurfd was ik op het dak gaan
staan om het daar te verkondigen aan de hele wereld.
Toen ik op de bok zat van de kar, helemaal alleen in en bij mezelf,
hoorde ik alleen nog het ratelen van de wielen en het stappen van
het paard. Alles was in de mist. Het dorp liep uit en achter ons was
een file van twee kilometer. En dat in Woudsend! Geweldig!
Lief we hebben
je groots begraven. Het was als een theaterstuk. Als ik nu de video
zie, dan is het net een film waar ik een rol in mocht spelen. Een
prachtige film, die ik aan iedereen zou willen laten zien. Het stuk
gaat over afscheid, over liefde, over groots en meeslepend leven.
Over samen, over delen. Jouw kist met jouw lichaam erin midden op
het biljart. Wij er omheen. Zo was ook jouw leven. We hebben
gelachen, gehuild en velen hebben beseft wat een groot en bijzonder
mens jij was. Het geel van de zonnebloemen midden in de winter. Van
Gogh mag er trots op zijn dat ons dat is gelukt.
Met van Gogh
gesproken trouwens; ik mag geen cipres op je graf planten. Je graf
is nu nog een heuvel en ook dat mag niet. Het is te gek voor
woorden.
En weet je lief;
het alleen zijn gaat me goed af. Het is zelfs fijn. Heb ik van jouw
geleerd. Je zei me steeds: "ga schrijven." Je ziet ik schrijf.
Ik neem je nog
steeds mee in mijn binnenzak. Je bent nu terwijl ik schrijf ook weer
om het hoekje. Dat is goed.
Overigens, je
had beloofd dat je zou komen spoken. Nou waar blijf je? Of ben je al
te ver weg, zodat je in deze dimensie niets meer kunt doen.
Ik ga nu stoppen
met dit schrijfsel. Ik heb in jou mijn eigen grootheid en kracht
herkend en daarmee kan ik verder. Jij wist het en daarom kon je mij
loslaten om je eigen weg te gaan. Je wist dat je een sterk mens
achterliet, die, nou ja, het zonder jou zou redden. Ik red het,
natuurlijk zal wel moeten toch? Moeten? Nee lief. Ik kies om verder
te gaan. Ik zal weer andere mensen ontmoeten waarin ik mijzelf kan
spiegelen. Nog 1 ding. Wie gaat mij nu aaien, knuffelen, met mij
slapen? Wie schenkt mij nu een crodino in voor het eten? Wie schept
mij nu een bordje eten op? Wie zegt nu:
"lief, wat heb
je lekker eten gemaakt." Wie vertelt mij nu ik heb je lief. Wie zegt
mij nu "weltrusten bolletje". Het is allemaal mooi en prachtig, maar
jij komt niet meer terug. Je kan lullen wat je wil, maar ik ben weer
verlaten.
Dag lief,